Teleurgesteld in God

Als je rekent op Gods hulp en bijstand en bovennatuurlijke ingrijpen in je leven, kom je vroeg of laat eens voor de vraag te staan: waarom gebeurt er nu niks? Waarom handelt God niet? Waarom loopt deze relatie stuk? Waarom word ik alweer niet aangenomen? Waarom blijft mijn familielid ziek? En teleurstelling komt je geloof binnen. Eigenlijk is het daarom wel net zo eerlijk van Paulus dat hij in het hoofdstuk (2 Kor. 12) waarin hij vertelt over zijn hemelse visioen ook vertelt over zijn persoonlijke teleurstelling, de ‘doorn in mijn vlees’. Want geloven dat God ingrijpt, betekent dat je ook met teleurstelling te maken krijgt.

Geloven dat God ingrijpt, betekent dat je ook met teleurstelling te maken krijgt.

Asaf verwoordt in psalm 77 wat teleurstelling is: “Ik denk aan God en moet zuchten. Mijn gedachten vermoeien mijn geest. (…) Vergeet God genadig te zijn? Verbergt zijn ontferming zich achter Zijn toorn? En ik zeg: ik weet wat mij kwelt. De hand van de Allerhoogste is niet meer dezelfde.” (ps 77:4,10,11) God is anders als dat je dacht. Je dacht dat je op God kon vertrouwen, maar je vertrouwen is beschaamd geworden. Dat is teleurstelling.

Ik kan me niet heugen dat ik psalm 77 ooit heb gezongen in de kerk. Misschien een hele moeilijke melodie. Maar ik denk ook, omdat teleurstelling een enge emotie is. Want teleurstelling is het laatste station voordat je afhaakt. Teleurstelling grijpt rechtstreeks in in de relatie tussen God en jezelf. Want blijkbaar is God niet zo te vertrouwen als dat je dacht. En wat kun je dan nog? Tijdens de Dabarweek (waar ik dus uiteindelijk wel aan heb meegedaan), gingen we op een avond bezoekwerk doen. Gewoon met mensen praten over geloven. Wat me opviel wat dat voor velen gold: vroeger geloofden ze wel, maar nadat ze teleurgesteld waren door de kerk, haakten ze af.

Valkuil: teleurstelling vermijden

cover geloven tijdens het tandenpoetsenTeleurstelling in je geloof is eng. Onze valkuil is daarom dat onze theorieën over wat God wel en niet doet er meer gericht op zijn die teleurstelling te vermijden, dan dat ze ons de juiste weg wijzen. We bidden bijvoorbeeld een gebed en besluiten met ‘als het Uw wil is’. Vervolgens gebeurt er niets, concluderen we heel snel dat het blijkbaar niet Gods wil was om in te grijpen en berusten we in de situatie.

Op deze manier zijn we de waarde van het aanhoudende en vasthoudende gebed vergeten. Nog steeds roept de Here Jezus ons op in de gelijkenis van de onrechtvaardige rechter om altijd te bidden en nooit op te geven (luc. 18). Jakobus zegt in zijn brief: ‘U krijgt niets omdat u niet bidt.’ (Jak 4:2). Zegt hij dat misschien ook tegen ons? Zijn wij vanwege onze angst voor teleurstelling misschien luie en dus arme christenen geworden?

Een andere theorie die ik nog wel eens tegenkom is dat het ingrijpen van God een uitzondering is. Een teken van zijn Koninkrijk. Vroeger, in het begin van de kerkgeschiedenis werkt God. En ja, uiteraard nu nog op het zendingsveld. Zo geeft Hij de kerk een goede start. Nu hoeven we dat niet meer regelmatig te verwachten. Zo heel af en toe laat God nog zijn kracht zien, als noodzakelijke oppepper voor zijn gemeente. Als, kortom, een middel tot een groter doel.

Jezus ging zoveel om met Jakobus, omdat Hij met hem bevriend was.

Ik denk niet dat die theorie klopt. En wel vanwege het leven van de apostel Jakobus. Jakobus was één van de drie intimi van Jezus. Samen met Petrus en Johannes maakte Jakobus Jezus mee op hoogte- en dieptepunten. De genezing van het dochtertje van Jairus, de verheerlijking op de berg en de zweetdruppels van bloed in Gethsemane: Jakobus was erbij. En waarvoor? Petrus en Johannes hebben brieven geschreven en gemeenten geleid. Zíj hebben de tijdsinvestering van Jezus wel waargemaakt. Jakobus echter werd al in het jaar 44 onthoofd door Herodes. Waarom heeft Jezus dan toch zoveel aandacht en tijd geïnvesteerd in Jakobus? Niet omdat Jakobus zoveel heeft betekend voor de kerk. Blijkbaar ging het daar dus ook niet om. Jezus ging niet om met Jakobus zodat Jakobus veel voor Hem kon betekenen.

God geeft namelijk niet, zodat Hij ontvangt. Hij laat zichzelf niet aan je zien als middel tot een doel. Hij laat zichzelf en zijn kracht zien uit liefde. Jezus ging zoveel om met Jakobus, omdat Hij met hem bevriend was. Het is zo basis, maar telkens weer moet het ons worden aangezegd: geloven is geen systeem. Geloven is een relatie tussen jou en God. God sprak met Mozes zoals iemand spreekt met zijn vriend. Abraham wordt Gods vriend genoemd. Jezus noemde zijn leerlingen vrienden. Zo ziet Hij ons, zo wil Hij omgaan met jou. Hij openbaart zichzelf, zijn liefde en zijn kracht, niet aan jou, zodat jij er iets mee kunt doen. God geeft zichzelf, omdat Hij met ons om wil gaan. Het is niet onze verdienste dat God ingrijpt in ons leven. Dat is gewoonweg Zijn aard.

Dit is een gedeelte uit het boek ‘Geloven tijdens het tandenpoetsen – twaalf oefeningen’.

(Het voorafgaande gedeelte staat hier)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s